Het ontstaan van stafafdelingen

Hoe groter een organisatie, hoe meer stafafdelingen er zijn, hoe groter die zijn en hoe verder ze uiteindelijk afstaan van hun oorspronkelijke bestaansgrond (lees “De staf en haar klanten“). Eckart Wintzen beschrijft in “Notes” treffend hoe stafafdelingen ontstaan.

Populair om tot centrale stafdienst te verheffen zijn vooral taken waar de directeur in eerste instantie niet zo’n zin in heeft: incasso, urenadministratie, inkoop, contracten, personeelszaken. En ook het gezeik over carrièreontwikkeling, ontslag en afvloeiing, het gebouwenonderhoud en -beheer, het gelazer met de telecom-leveranciers, verzekeringengezeur, kortom allemaal kutklusjes die je beter bij het hoofdkantoor neer kunt leggen. De argumenten daarvoor zijn makkelijk gevonden: ‘Het is efficiënter om het door specialisten te laten afhandelen. Als iedereen het zelf doet is het allemaal dubbel werk.’ Maar de belangrijkste reden wordt natuurlijk niet genoemd: ‘Ik heb er eigenlijk geen zin in om het zelf te doen. ‘ In kantoortaal: ‘Daar is mijn tijd te kostbaar voor.’
En zo eindigt iedere bureaucratie met een tropisch oerwoud aan centralestafdiensten: afdeling HR, juridische zaken, debiteurenadministratie, strategische planning (ja hallo, dat moet de baas toch doen?!), niet te vergeten de afdeling wagenparkbeheer en natuurlijk als topscoorder de dramatisch groeiende afdeling klachtenafhandeling.

Boekbespreking: “Notes” van Eckart Wintzen

Dit boek bij managementboek.nl en bij bol.com.

Tags: ,

Comments are closed.